Bloemen- en kruidenstroken zijn een belangrijke aanvullende maatregel binnen Dubbel Doel en worden ingezet als structureel onderdeel van de perceelsinrichting. Ze nemen doorgaans ongeveer 20% van een perceel in en hebben een minimale breedte van 6 meter. De stroken worden ingezaaid met een mengsel van meerjarige kruiden, vlinderbloemigen en grassen, zodat ze meerdere jaren kunnen blijven functioneren en niet jaarlijks opnieuw moeten worden aangelegd.
De aanleg en het beheer van de bloemen- en kruidenstroken gebeuren daarbij samen met Randenrijk, dat expertise inbrengt rond soortenkeuze, inrichting en beheer van perceelsranden. Bloemen- en kruidenstroken vervullen verschillende functies tegelijk. Ze zorgen voor nectar en stuifmeel voor bestuivers en andere insecten, bieden schuil- en foerageermogelijkheden voor akkervogels en kleine zoogdieren en versterken zo het voedselaanbod in het landbouwlandschap. Door hun ligging in en langs percelen vergroten ze de ruimtelijke samenhang tussen landbouwgronden en natuurgebieden en dragen ze bij aan een gevarieerder landschap met meer structuur.
Ook landbouwkundig zijn bloemen- en kruidenstroken bewust ingebed in de Dubbel Doel‑aanpak. Ze kunnen bijdragen aan een lagere plaagdruk doordat ze plaagbestrijdende soorten aantrekken en kunnen worden benut binnen het landbouwbedrijf, bijvoorbeeld als veevoeder of als grondstof voor compostering. Daarnaast sluiten ze aan bij het vergoedings- en pasmuntsysteem en bij bestaande ecoregelingen, waardoor de ecologische inspanningen van landbouwers ook economisch worden ondersteund.
Het beheer van bloemen- en kruidenstroken gebeurt volgens vooraf afgesproken maaifrequenties en -timing, met aandacht voor zowel ecologische werking als praktische haalbaarheid binnen de bedrijfsvoering. Zo blijven de stroken functioneel voor fauna en tegelijk inpasbaar binnen het dagelijkse landbouwbeheer. Binnen het project heeft een van de deelnemende landbouwers hiervoor geïnvesteerd in een speciale maaimachine, afgestemd op dit type beheer.